in Geschriften

Creativiteit

Het denk-ik vervangt onze lijfelijke identiteit, dat wat deel uitmaakt van wat is, met zijn noblesse en wonderlijkheid, door een burgerlijk reken-ding, een angstillusie, met angstderivaten als gevoelens. Het vervangt onze natuurlijke vastheid en onfeilbaarheid door controleerbaarheid, onze warmte door strategie, onze vanzelfsprekendheid door argumenten. Vandaar onze behoefte aan erkenning, aan roem, aan winnen, aan rechten, aan dankbaarheid, aan rechtvaardigheid, aan pret, aan satisfactie, aan zelfrespect, trots, iemand-zijn, een onveranderlijke, bedenkbare identiteit.

Als die een beetje uit de hand loopt, noemt Horney het een “idealised self”. Maar ieder ik is een bedenksel. Iedere eigenschap die we menen te “hebben” blijkt in onze volgende of derde handeling afwezig. Het “realisme”: “Ik kan mooi pianospelen”, is ook bij de technisch goede pianist een illusie: als hij op dit weten vertrouwt, als hij dit idee nodig heeft, speelt hij niet goed, is zijn spel zinloos, onmuzikaal. Hij kan het zelf mooi vinden, bewonderd en toegejuicht worden, maar hij maakt toch geen werkelijk warm gevoel los. Weten “ik kan het” is totale burgerlijkheid, oncreatief!

Er bestaat geen “realistisch zelfbeeld” in de creatieve sfeer. Een in de technische, onmenselijke, mechanische sfeer is een zelfbeeld overbodig. De technicus hoeft voor zijn soldeerwerk zelden naar de psychiater. Het is zijn huwelijk waar hij over klaagt, of zijn relatie met zijn opdrachtgevers. (Dat het soldeerwerk daaronder kan lijden is een secundair effect).

Creatief moeten we zijn, wil ons leven niet zinloos zijn. Creatief betekent hier dat er ooit iets bij ons moet beginnen, dat we niet alleen een doorgeefsysteem van impulsen zijn. Een “fountainhead of creation” (D.H. Lawrence). Dat onze liefde zonder argumenten is. Dat we iets “laten zijn” wat niet te cultiveren is. Dat we kunnen lachen om iets dat onze gevestigde waarden omverschopt.

Het impulsieve is te wantrouwen. Hieraan ligt in de regel een onbewuste strategie ten grondslag. Cultiveer spontaniteit nooit! Anders geldt hiervoor hetzelfde. Alles wat cultiveerbaar is, is bedacht. (We kijken op metertjes, hoe ver de wijzer uitslaat).

De Goede Bedoeling is een cultiveerde van pseudo-spontaniteit. De eigenlijke functie van de Goede Bedoeling is altij om ons goede hart, ons mooie karaktertje te redden, ook bij wandaden.